Open Government Partnership (OGP)

Nederland smeedt internationale coalitie voor betekenisvolle openbaarmaking

Dat de Spaanse koning zijn opwachting maakte op de 2025 Open Government Partnership Global Summit, zegt veel over het belang dat het gastland hecht aan een open overheid. Die constatering komt van Eva Heijblom. De directeur-generaal Digitalisering en Overheidsorganisatie (BZK) was afgelopen oktober zelf ook aanwezig in de Baskische hoofdstad Vitoria-Gasteiz. Voor de Nederlandse delegatie was daar een bijzondere rol weggelegd.

Tekst Guido Enthoven & Quita Hendrison

Beeld Sander Foederer

Ons land is al sinds de oprichting in 2011 lid van het Open Government Partnership (OGP). Het OGP is een mondiaal samenwerkingsverband dat zich richt op het bevorderen van een open en responsieve overheid. Anno 2025 zijn 74 nationale en meer dan 150 lokale overheden lid van het OGP. Een van de verplichtingen van het lidmaatschap is het opstellen van een nationaal Actieplan Open Overheid; Nederland is momenteel aan het vijfde actieplan toe. In een tijd waarin het vertrouwen in democratische overheden wereldwijd onder druk staat, is het voor Nederland van belang om ook verder te denken dan de eigen landsgrenzen.


Floortje Fontein is beleidsmedewerker openbaarheidsbeleid internationaal bij de afdeling Open Overheid bij BZK. Zij vertelt over het bijzondere initiatief van de Nederlandse delegatie: de oprichting van een internationale coalitie van koplopers die werkt aan het ontwikkelen van een gezamenlijke standaard voor betekenisvolle actieve openbaarmaking van overheidsinformatie.


‘Juist in deze tijd is het belangrijk om, samen met de landen die open overheid hoog in het vaandel hebben staan, te bespreken hoe we onze gezamenlijke ambitie kunnen verhogen en op welke manier we dat het beste kunnen realiseren. Wij zien bij betekenisvolle actieve openbaarheid kansen om verdere stappen te zetten en andere landen te stimuleren hetzelfde te doen.’


Het vertrouwen om te gaan bouwen aan zo’n coalitie ontleent Nederland – vertegenwoordigd door het ministerie van BZK – aan de eigen wetgeving. ‘Het mooie aan onze Wet open overheid (Woo) is dat actieve openbaarheid op twee manieren is opgenomen. Enerzijds zijn er de 17 categorieën die overheidsorganisaties verplicht actief openbaar moeten maken (artikel 3.3). Daarnaast is er de inspanningsverplichting (artikel 3.1) voor bestuursorganen om nóg meer informatie uit eigen beweging openbaar te maken. Die combinatie maakt Nederland koploper op dit onderwerp.’

‘Er is een groot besef dat een
open overheid een schild is tegen dreigingen’

Betekenisvol zorgt voor vertrouwen

De basis is dus stevig, maar actief openbaar maken kan nog meer waarde opleveren als de informatie aansluit bij wat burgers daadwerkelijk willen weten. Fontein: ‘Wat we met “betekenisvol” toevoegen is het perspectief van de burgers: wat is de maatschappelijke informatiebehoefte, wat willen mensen weten? Kunnen ze de informatie goed vinden en hoe begrijpelijk is die? Betekenisvol betekent het actief openbaar maken van informatie die ten dienste staat van de burger en de dienstverlening van de overheid aan die burger.’


Actieve openbaarheid staat rechtstreeks in verbinding met het hooghouden van de democratie. Wanneer de overheid uit eigen beweging meer informatie op een betekenisvolle manier openbaar maakt, kan dat het vertrouwen in de overheid vergroten. Dat besef leeft breed in de internationale open-overheid­-community, zag Heijblom in Spanje.


Het gaf ruggensteun aan de missie waarmee de Nederlandse delegatie afreisde naar de Global Summit: de internationale coalitie rond betekenisvolle actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. Het momentum voor zo’n coalitie is er, zoveel is duidelijk. Heijblom: ‘Geopolitieke dreiging, verlies van democratische waarden; dat brengt urgentie en een groot besef dat een open overheid een schild is tegen die dreigingen.’

‘Het mooie aan zo’n internationale coalitie is dat we van elkaar kunnen leren’

Ambitie en inspiratie

Al in de verkennende gesprekken vooraf bemerkte Fontein veel animo voor het vormen van een coalitie rond betekenisvolle openbaarmaking. ‘Het OGP en de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) hebben ons in de voorbereidingen in contact gebracht met potentiële coalitiegenoten. Ter plaatse hebben we nog een aantal landen over de streep getrokken. Het helpt natuurlijk dat Eva Heijblom als hoogste Nederlandse ambtenaar op dit dossier aan tafel zit; dat laat zien hoe belangrijk we dit vinden. Op dit moment bestaat de coalitie uit elf landen, waaronder Canada, Spanje, Estland en Duitsland.’


Een volgende stap van de coalitie is de publicatie Good Practice Principles for Meaningful Proactive Disclosure Principes. Die staat gepland voor 2026 en wordt door de OESO samen met de elf landen opgesteld. De publicatie geeft landen handvatten om hun aanpak vorm te geven. Het doel is om internationaal een gezamenlijke ambitie neer te zetten voor betekenisvolle actieve openbaarmaking, met concrete richtlijnen voor de uitvoering. Deze standaard kan bovendien dienen als inspiratie voor landen die hun openbaarheidswetgeving nog ontwikkelen. Denk aan goede voorbeelden van welke informatie vanwege de maatschappelijke behoefte actief gedeeld moet worden, en hoe je die informatie begrijpelijk, toegankelijk en goed vindbaar houdt.


Buitenlandse voorbeelden

De groep van elf is voortvarend van start gegaan. ‘We hebben elkaar kort na de summit alweer gezien en in online meetings ontwikkelen we het komende jaar de contouren voor de beoogde gezamenlijke standaard’, vertelt Fontein. ‘Het mooie aan zo’n internationale coalitie is dat we van elkaar kunnen leren. Binnen de coalitie wordt ook gesproken over hoe we kunnen omgaan met actuele uitdagingen, zoals hoe we informatie en data actief openbaar kunnen blijven maken, zonder dat de nationale veiligheid in het geding komt.

Betekenisvolle openbaarmaking draait om aansluiting bij maatschappelijke behoeften

Een land dat daar al heel zorgvuldig mee omgaat, is Estland. Estland stelt veel datasets open en machineleesbaar beschikbaar om maatschappelijk hergebruik te stimuleren. Het komt soms voor dat datasets weer moeten worden gesloten vanwege gevoeligheid op het gebied van nationale veiligheid. Tegelijkertijd kijken ze naar wat zoveel mogelijk open kan blijven. Soms doen ze dat door mogelijk gevoelige datasets wél openbaar te maken, maar niet machineleesbaar, waardoor het lastiger wordt om data te combineren en te analyseren. Daar zie je dus duidelijk dat er – begrijpelijk – wordt gezocht naar de balans tussen twee waarden: transparantie en nationale veiligheid.’


Eva Heijblom noemt nog een leerzaam ‘buitenlands’ voorbeeld van betekenisvol openbaar maken: ‘Spanje heeft het publiceren van overheidsinformatie direct gekoppeld aan inspraakmogelijkheden voor de burgers op hun nationale transparantie­portaal. Daarmee dient openbaarheid direct een maatschappelijk doel.’ Het delen van zulke voorbeelden draagt bij aan datgene wat de internationale coalitie uiteindelijk wil bereiken: meer betekenisvolle actieve openbaarheid, nationaal en internationaal.


Maatschappelijke inbreng

Tot slot wijzen ze op het belang van maatschappelijke organisaties bij het ontwikkelen van de gezamenlijke standaard voor betekenisvolle actieve openbaarmaking van overheids­informatie. ‘We zoeken hun inbreng nadrukkelijk op, dat hoort ook bij de OGP- en OESO-aanpak’, weet Fontein. ‘Bijvoorbeeld die van de maatschappelijke coalitie Over Informatie Gesproken die ook op de summit vertegenwoordigd was. In Nederland werken we al samen met deze coalitie, zoals bij de herijking van ons Actieplan Open Overheid. Ook op internationale schaal zoeken we actief naar de inbreng van zulke organisaties, juist omdat betekenisvolle openbaarmaking draait om aansluiting bij maatschappelijke behoeften. Bij veel maatschappelijke organisaties zit jarenlange expertise over het onderwerp actieve openbaarheid.’ ‘We moeten samen vooral dingen gaan doén’, besluit Heijblom, ‘het hoeft allemaal niet perfect te zijn, maar het is belangrijk om samen stappen te zetten.’

Deel dit artikel:

E-mail
Twitter
LinkedIn

Eva Heijblom (l) en Floortje Fontein (r) nemen het voortouw bij het bouwen van een internationale coalitie.