

Vier jaar na invoering van de Wet open overheid (Woo) is de uitvoering nog niet op orde. D66-Kamerlid Joost Sneller constateert dat er nog een lange weg te gaan is. ‘Ik ben teleurgesteld over het tempo dat kabinetten hebben weten te maken om actieve openbaarmaking vorm te geven.’
Tekst Martijn Bennis & Guido Enthoven
Beeld Shutterstock / Bureau OMA
Wat zijn volgens u de maatschappelijke baten van transparantie?
‘Hou je adem eens twee minuten in, dan realiseer je je pas hoe normaal het is om adem te halen. Dat geldt ook voor de democratie, de rechtsstaat en de waarborg voor vrijheden die we hebben. Ik heb anderhalf jaar in Myanmar gewerkt. De overheid daar is niet transparant en wordt door zijn oncontroleerbaarheid almachtig. Het gevolg is willekeur voor burgers, willekeur voor bedrijven, corruptie, onvoorspelbaarheid, et cetera. De principiële kant van openheid is dat de overheid van iedereen is, dus ook de data die worden gegenereerd door de overheid. De beschikbaarheid van die informatie maakt dat de overheid controleerbaar is. Een andere bate is dat informatie een grondstof kan zijn voor maatschappelijke partners, bedrijven en wetenschappers, waarmee zij waarde kunnen toevoegen aan de samenleving. Kortom, de maatschappelijke baten van transparantie zijn groot.’
Hoe verklaart u de behoefte aan geslotenheid bij sommige regeringspartijen?
‘Oud-minister Donner (BZK, CDA) vergeleek in 2011 het proces van wetten maken met een worstenfabriek; je wil niet weten hoe de worsten worden gemaakt, we zorgen dat ze er komen. Voor de mensen die dingen voor elkaar willen krijgen, voelt het soms beter om de pottenkijkers buiten te houden. Zo van: het is misschien niet fraai, maar we moeten nu deze crisis wel even oplossen.’
Heeft u begrip voor die gedachte?
‘Jawel, alleen mag dat niet de dominante logica zijn, dat is gevaarlijk. Daarom moet je regels maken die daar weerstand aan bieden. Macht en tegenmacht. Regels die zorgen dat macht altijd controleerbaar is, wie er ook aan de macht is. De ene keer is dat iemand die het goed bedoelt, maar de volgende keer is het iemand die het niet goed bedoelt. Voor allebei heb je dezelfde regels nodig als waarborg voor het belang van controleerbaarheid.’
‘De maatschappelijke baten van transparantie zijn groot’

Moet de overheid zich ook laten controleren tijdens het besluitvormingsproces?
‘Als je weet welke alternatieven er zijn overwogen en waarom die zijn afgevallen, dan kunnen mensen van buiten meedenken. Dat is ook de gedachte achter het openbaar maken van beslisnota's. Informatie als input voor actief burgerschap leidt tot verbetering van beleid. Daarnaast heb je de preventieve werking van de openbaarheid. Sunlight is the best of all disinfectants.’
Waar zitten de grenzen van de openheid?
‘Privacy. Herleidbare gegevens over mensen waar de overheid beschikking over heeft, maar die niet op straat moeten komen, omdat het burgers schaadt. En wat ik heel belangrijk vind, is dat ambtenaren vrijelijk kunnen adviseren, ook tegen de ideeën van de minister in. Dus ik voel mee in de gedachte dat adviezen van ambtenaren niet tot de persoon herleidbaar moeten zijn.’
Wat zijn goede voorbeelden van kwesties die via een Woo-verzoek naar boven zijn gekomen?
‘Je kunt het niet bewijzen, maar je hoopt dat het bestaan van de Woo misstanden voorkomt; controleerbare macht wordt minder gecorrumpeerd. Maar je ziet dagelijks voorbeelden van publicaties met informatie die via de Woo openbaar geworden is. De Woo is vaak een bouwsteen voor journalistieke verhalen.’
Hoe beoordeelt u de stand van de uitvoering van de Woo?
‘We zijn er nog lang niet. Sommige delen van de Woo zijn nog steeds niet echt in werking getreden. Ik ben teleurgesteld over het tempo dat kabinetten hebben weten te maken om actieve openbaarmaking vorm te geven. Actieve openbaarmaking dringt het aantal informatieverzoeken terug én het is een tastbaar bewijs van een veranderende cultuur binnen de overheid. Daarnaast wordt te vaak “het belang van de staat” (de i-grond) ingeroepen om onwelgevallige informatie niet te verstrekken.’
Waar ligt volgens u het probleem bij de uitvoering?
‘Voor individuele ambtenaren die het goed willen doen, is het heel lastig. Dat ligt niet aan de wet, maar aan de stand van de informatiehuishouding. Die is nog steeds niet op orde, ondanks de honderden miljoenen die daarvoor ter beschikking zijn gesteld. Ambtenaren moeten met gebrekkige systemen werken, waardoor het gaat concurreren met ander werk qua tijdsbeslag.’

’Ambtenaren moeten met gebrekkige systemen werken, waardoor het gaat concurreren met ander werk qua tijdsbeslag’

Is de cultuur rond transparantie sinds 2021 verslechterd of verbeterd?
‘Moeilijk te zeggen, ook omdat het beeld verdeeld is. Aan de ene kant zie ik een zorgelijke trend bij politici. Met name populisten zien transparantie als een stok om anderen mee te slaan in plaats van als doorleefde opvatting. Aan de andere kant is er onder de oppervlakte een transformatie gaande waarbij de kramp afneemt en de ontspanning toeneemt. Steeds meer ambtenaren vinden transparantie gewoon een onderdeel van hun werk.’
Wat kun je doen tegen misbruik van de Woo?
‘Er zit een antimisbruikbepaling in de wet. Ik vraag me af of daar voldoende gebruik van gemaakt wordt. Ja, er zijn gefrustreerde mensen die zoeken naar een stok om mee te slaan. Dat is een kleine minderheid, maar die kan leiden tot disproportioneel veel werk, zeker bij kleinere gemeenten met een klein ambtelijk apparaat. Maar de term misbruik wordt ook wel eens misbruikt als een burger gewoon zijn rechten uitoefent.’
Hoe kijkt u aan tegen de aanbeveling om het aantal Woo-verzoeken voor gewone burgers te beperken tot een maximum per jaar?
‘Ik geloof niet zo in quota. Een Woo-verzoek kan een gerichte vraag zijn, maar ook een fishing expedition. Die twee zijn onvergelijkbaar. Ik sta open voor een andere formulering van die antimisbruikbepaling, maar alleen als er een goede analyse ligt die aantoont dat de huidige formulering niet werkt.’
Wat vindt u van het voorstel om actieve openbaarheid vorm te geven rond grote dossiers?
‘Als prioritering lijkt het me logisch, maar het mag geen argument zijn om die andere dingen niet te doen. Ik denk bovendien dat de verkokering van de Rijksoverheid een praktisch probleem geeft. Het dossier “Wolf” bijvoorbeeld, zit bij het ministerie van LVVN, bij provincies, bij Staatsbosbeheer en vast bij nog meer instanties. Elk met eigen opvattingen en bevoegdheden. Maar je moet er wel een start mee maken; het is heel goed om uit te gaan van de informatiebehoeften van de samenleving.’
‘Met name populisten zien transparantie als een stok om anderen mee te slaan in plaats van
als doorleefde opvatting’

Moet er ruimte zijn voor achterkamertjes?
‘Er moet ruimte zijn voor vrije gedachtenvorming en die is er ook. De Woo stelt dat openheid gaat over bestuurlijke aangelegenheden. Als cruciale besluiten via WhatsApp worden genomen, moeten deze navolgbaar zijn om de geest van de wet te handhaven. Partijpolitieke aangelegenheden vallen niet onder de wet. In de praktijk zie je overigens allerlei sluipwegen, zoals het hebben van twee telefoons.’
Wat is uw droombeeld voor transparantie?
‘Ik zou willen dat we tot een gezamenlijk besef komen van het belang van transparantie. Onlangs hielden we een “trialoog” over de Staat van de Uitvoering, met Kamerleden, beleidsjuristen en uitvoeringsorganisaties. Zoiets zou je ook over de Woo moeten organiseren, ook met verzoekers erbij. Ik zou willen dat individuele beleidsmedewerkers het gevoel hebben dat openheid voor hen hanteerbaar is en dat verzoekers ervaren dat ze beter bediend worden. Dat we het hele systeem beter kunnen laten werken vanuit de intenties van de wet. En ik zou ook wensen dat we een andere cultuur rondom transparantie krijgen. Dat we bewegen van een cultuur van schande en shaming naar een cultuur van belangstelling, begrip, genade en leren. You may say I'm a dreamer, maar ik denk dat het kan.’



